Een warm en veilig klimaat

In deze blog wil ik het hebben over Hoe je een warm en veilig klimaat creëer waarin alles er mag zijn, zonder dat je het probeert te fixen Je zit…

In deze blog wil ik het hebben over Hoe je een warm en veilig klimaat creëer waarin alles er mag zijn, zonder dat je het probeert te fixen

Je zit tegenover iemand die een ingrijpend verlies met zich meedraagt. Iemand die overspoeld wordt door verdriet. Door angst. Door leegte. En terwijl je luistert, voel je hoe het verhaal van de cliënt je diep raakt.

En bijna als vanzelf komt de gedachte op:

Ik moet hier toch iets mee doen.

Misschien zoek je naar woorden die houvast kunnen bieden. Of  wil je troosten, bemoedigen of hoop aanreiken. Je verlangt ernaar iets te kunnen betekenen. Iets waardoor de pijn wat draaglijker wordt.

Heel vaak proberen we het verdriet op te lossen.

Dat is heel menselijk, want als hulpverlener ben je opgeleid om mensen te helpen. Om problemen te herkennen, oplossingen aan te reiken en mensen stap voor stap vooruit te helpen. Die houding zit diep verankerd. Ze is ook een waardevolle kracht in ons werk.

Wanneer er dan iemand tegenover jou zit die overspoeld wordt door verdriet, neem je diezelfde houding bijna als vanzelf mee het gesprek in. Je wilt troosten, verlichting brengen. Je wilt iets kunnen betekenen waardoor de pijn wat draaglijker wordt.

En net daar wringt het.

Rouw en verdriet laten zich niet zomaar herstellen. Sommige verliezen kunnen nu eenmaal niet ongedaan gemaakt worden. Sommige vragen blijven onbeantwoord. En, sommige leegtes blijven bestaan.

Dat is moeilijk om te dragen. En daarbovenop leeft ook de hardnekkige overtuiging: dat je pas iets voor iemand kunt betekenen wanneer je het verdriet kunt wegnemen.

In werkelijkheid gebeurt net het tegenovergestelde.

Wanneer je een bedding creëert waarin verdriet, leegte en eenzaamheid mogen landen, gebeurt er iets wezenlijks. Dan ervaart de ander dat hij zijn verdriet niet langer alleen hoeft te dragen. Juist daar krijgt nabijheid betekenis en kun je er werkelijk voor iemand zijn.

Een warm en veilig klimaat ontstaat wanneer iemand voelt dat hij helemaal welkom is met zijn verdriet. Wanneer hij niets hoeft weg te steken.

Dan ontstaat er ruimte, namelijk ruimte waarin gevoelens de tijd krijgen om gevoeld te worden. Ruimte waarin verdriet, angst, boosheid en gemis er gewoon mogen zijn.

Net zoals lichamelijke pijn ons vertelt dat ons lichaam aandacht nodig heeft, vertellen gevoelens ons ook iets. Ze wijzen naar wat betekenisvol was. Ze vertellen over wat verloren ging.

Gevoelens die geen ruimte krijgen, verdwijnen niet. Ze blijven aanwezig en zoeken vroeg of laat een weg naar buiten. Ze laten zich voelen in ons lichaam, in onze gedachten of in ons gedrag. Pas wanneer gevoelens de ruimte krijgen om er te zijn, kunnen ze stap voor stap tot rust komen.

Er zijn voor iemand betekent ruimte maken voor deze gevoelens. Ze uitnodigen. Er samen bij stil te staan. Woorden helpen geven aan wat vanbinnen leeft.

Dat vraagt ook iets van ons als hulpverlener.

Het vraagt een andere manier van aanwezig zijn. Namelijk in aandachtig luisteren. Tijd geven. Nabij zijn wanneer het leven zich niet laat veranderen.

En hierbij mogen we ook leren luisteren naar ons eigen gevoel: machteloosheid. We mogen ons machteloos voelen. Het gevoel mag er zijn. Maar machteloosheid betekent niet dat we tekortschieten. Het betekent dat we iemand in pijn zien. En er willen zijn voor die persoon.  En dat kan. Door paradoxaal niet te willen gaan oplossen want sommige situaties vragen geen extra handelen. Ze vragen een hulpverlener die de moed heeft om halt te houden, aanwezig te blijven en het verdriet mee te helpen dragen.

Misschien is dat wel het moeilijkste wat er is.

En tegelijk het meest waardevolle.

Want rouwenden herinneren zich vaak niet alleen de woorden die precies werden uitgesproken, maar vooral hoe iemand hen liet voelen.

Dat ze welkom waren met hun verdriet.

Dat er iemand naast hen bleef zitten.

Dat ze hun pijn niet langer alleen hoefden te dragen.

Stel je voor…

Een vrouw komt bij je op gesprek. Haar man is acht maanden geleden overleden. Ze kijkt je aan en zegt:

“Ik weet niet hoe ik hier ooit door moet. Ik zie nergens nog een toekomst.”

Je voelt hoe zwaar haar woorden wegen. Je voelt ook de neiging om iets terug te zeggen.

“Dat gevoel zal met de tijd wel wat zachter worden.”

“Je hebt gelukkig veel steun van je kinderen.”

“Probeer dag per dag te leven.”

Allemaal goedbedoelde woorden.

Maar stel dat je even niets zegt. Dat je haar aankijkt en rustig antwoordt:

“Wat moet dit ongelooflijk zwaar voor je zijn.”

En geef ruimte. Laat deze woorden landen.

Je ziet hoe haar ogen zich vullen met tranen. Ze kijkt naar beneden. Haar schouders beginnen zachtjes te beven.

Blijf rustig aanwezig. Geef haar de tijd.

De tranen hoeven niet gestopt te worden. Ze mogen er zijn. Ze geven uiting aan het verdriet dat al die tijd vanbinnen gedragen werd. Op dat moment hoeft er niets gezegd te worden. Jouw aandacht, jouw rust en jouw aanwezigheid vertellen al genoeg.

Na een tijdje merk je vaak dat de cliënt zelf opnieuw het woord neemt.

Misschien zegt ze:

“Ik mis hem zo hard.”

Of:

“Iedereen zegt dat ik verder moet, maar ik weet niet hoe.”

Je kijkt haar rustig aan en zegt: “Je hoeft niet verder… als je dat niet wil.”

Je laat de woorden even tussen jullie in blijven.

Vaak gebeurt er dan iets bijzonders.

Je ziet dat de schouders zakken. Alsof er een last van glijdt.

Je mag wat je ziet ook teruggeven aan de cliënt door te zeggen: “Ik zie dat je schouders wat zakken… alsof er iets van je afvalt. Klopt dat?”

Ik geef wat ik zie altijd terug. Misschien interpreteer ik verkeerd. Dat kan. Of, misschien komt het te dicht bij de cliënt en is ze nog niet klaar om dit onder ogen te zien

Ook dat is goed.

Want in wezen gaat het er niet zozeer over of je juist interpreteert, want soms weet de cliënt zelf niet hoe hij of zij zich voelt. Hoe kan jij het dan weten?

Het gaat erom dat de cliënt voelt dat je werkelijk kijkt. Dat je opmerkt wat er gebeurt. Dat je afstemt, in plaats van in te vullen.

En, van daaruit kan het gesprek verder groeien.

Heel vaak neemt de cliënt dan zelf opnieuw het woord.

Ze vertelt verder. Ze brengt woorden aan haar verdriet. Ze vertelt wat ze mist.

Waar ze bang voor is. Wat zo’n pijn doet.

En precies daar ontstaat ruimte.

Niet omdat jij het gesprek vooruitduwt.

Maar omdat iemand zich veilig genoeg voelt om haar binnenwereld te laten zien.

Ik hoop dat deze video je heeft laten zien dat je als hulpverlener niet alles hoeft te kunnen veranderen om van grote betekenis te zijn.

De veiligheid die jij creëert, de ruimte die jij biedt en de manier waarop jij aanwezig blijft, kunnen voor iemand in verdriet een wereld van verschil maken.

Mieke Deltomme

 Docente Rouw en verlies

Oprichter Rouw en verlies Vlaanderen

Gerelateerde artikels